zegt

ik word er een beetje nerveus van
dat je op je minst mooi nog steeds prachtig bent
en dat het leven je zo makkelijk lijkt af te gaan
alsof halflege glazen voor jou niet bestaan
want ik ben zo anders dan jou
ik droom in zwart-wit en jij in felle kleuren
maar er is niets dat ik liever wil
dan me door jouw optimisme
mee te laten sleuren

Ge blijft het ontkennen, maar ‘s morgens staat ge op met een zwaar hart. Het maakt niet uit wat ge doet, lichter wordt het niet. Ge zou het bijna willen schreeuwen van de daken - praten, huilen, lachen en wanhopig roepen. Maar ge zegt niets, ge doet alsof alles nog steeds op z’n pootjes staat. Terwijl gij u afvraagt of ge ooit wel van de grond bent geraakt.

Ik kijk door haar heen als door een vitrinekast en ze zegt dat het niet geeft als ik iets breek. Ik heb nog nooit zo lang iets heel willen houden
—  Jorina van der Laan, uit “Jongens zoals wij worden niet verliefd”
Ik vergeet vaak wel eens dat ik ook maar een mens ben. Dat als ik soms schreeuwend en huilend door het leven loop ik mij niet hoef te schamen voor mijn menselijkheid. Ik vergeet wel eens dat ik een mens ben met fouten, gebreken en onopgeloste raadsels. Het cliché zegt het al jaren, niemand is perfect. Alleen is dat even snel vergeten. Ik vergeet vaak wel eens dat ik maar een mens ben, en dat als ik val ik ooit ergens wel zal recht kruipen. Ik vergeet vaak dat ik een mens ben. Ook al ben ik vaak ook gewoon maar een mens.

Je spendeert teveel tijd
aan afvragen
hoe iemand ooit van je kan houden.
Je telt je zwaktes,
en je hebt geen vingers meer over
om je sterktes te tellen.
En wanneer iemand eindelijk
zegt dat hij van je houdt
kan je enkel vragen:
waarom?
In de plaats van hem te vertellen
dat je ook van hem houdt.

Jarenlang leren we om te zitten en te zwijgen, maar wanneer je acht jaar bent en je juf je zegt dat je meer moet bijdragen tijdens de les, besef je dat zwijgen nooit genoeg was. Uw leerkracht Nederlands uit het vijfde middelbaar zei dat er ergens een schrijftalent in je schuilde. Nochtans zie jij enkel de rode letters op je taken waaruit blijkt dat beter kan, beter moet. Onze woordenschat is zo groot dat het langste woord wel vijftig letters telt. Echter weten we nooit hoe te verwoorden wat dat eigenlijk is hier; wij, de wereld. Ze zeggen dat we niet horen te weten waar we mee bezig zijn, en toch zien we overal mensen die hun dromen waarmaken, die een doel hebben. Matig is nooit genoeg. Het is alles of niks – arm of rijk.

Als kind lachte je
naar treinen en zie je daar
nu staan met je testament in je handen, klaar
om te gaan. Wij hebben de lichamen
van een sterfelijke en de dromen
van een god, in onze littekens
kan je leren lezen
dat niet iedereen gelukkig wordt. Je zegt dat
je het vanavond niet laat
zal maken, en ik weet dat je gaat
om niet meer thuis te raken.

Vraag me het hemd van m’n lijf!

Hier heb ik voor jullie een boel verschillende vragen over van alles en nog wat samen gesteld, dus - zoals de titel al zegt: Vraag me het hemd van m’n lijf!

  1. Waar welk plekje ga je heen als het tegen zit? 
  2. Wat is een gek trekje dat je hebt, waarvan de meeste mensen niet af weten? 
  3. Wat is je leukste herinnering tot nu toe? 
  4. Wat denk je in de toekomst te gaan bereiken? 
  5. Heb je knuffels die jou ‘s avonds helpen in slaap te komen? 
  6. Hoe denk jij over orgaandonatie? 
  7. Welke kleur ogen heb je? 
  8. In welke volgorde trek je je kleren altijd aan als je opstaat? 
  9. Geloof je in geesten of spoken? 
  10. Wat is de gekste uitgaansnacht die je ooit hebt beleefd? 
  11. Wanneer is een goede leeftijd om aan kinderen te beginnen volgens jou? 
  12. Welke 5 dingen vind je mooi aan jezelf als je in de spiegel kijkt? 
  13. Hoeveel kussens heb je op je bed liggen? 
  14. Wat komt er vooral voor op je Tumblr dashboard? 
  15. Is er op dit moment iemand waar je hopeloos verliefd op bent? 
  16. Ben jij een èchte sloddervos of heb je alles netjes geordend? 
  17. Welke soort of soorten bloemen vind je leuk? 
  18. Wat is jouw favoriete restaurant en waar is die? (Ik heb honger!) 
  19. Hoeveel kledingstukken heb je op je kamer rondzwerven? 
  20. Hoe ziet jouw ritueel om in slaap te komen eruit? 
  21. Hoe zag het allermooiste uitzicht er uit dat je ooit gezien hebt en waar is dat precies? 
  22. Geloof je dat er buitenaards leven bestaat? 
  23. Waar ben je nu en hoe laat is het daar? 
  24. Als iemand op dit moment voor je voeten viel en je de liefde verklaarde, wat zou je dan zeggen? 
  25. Welke 5 dingen vind je leuk aan je eigen persoonlijkheid en karakter? 
  26. Hoe ziet je bed er nu? (Kingsize of niet, patroon op je hoeslaken, opgemaakt of niet, extra personen behalve jij, etc.) 
  27. Welke soorten kunst vind je leuk? 
  28. Hoe denk jij over klimaatverandering en wat kunnen we daaraan doen? 
  29. Trek je wel eens twee verschillende sokken aan? 
  30. Heb je wel eens momenten gehad dat je aan jezelf ergerde? 
  31. Wanneer was de laatste keer dat je zo blij was dat je dacht dat je de wereld aan kon? 
  32. Als jij morgen €10.000 wint, waar droom je vannacht dan over? 
  33. Welke spullen heb je die vreemden als gewoon voorwerp zien, maar waaraan jij enorm gehecht bent? 
  34. Wat is je favoriete snack voor ‘s avonds op de bank? 
  35. Als je op dit moment een bepaalde studie doet, welke is dat dan? En zo niet, wat doe je dan wel in het dagelijks leven? 
  36. Welke dingen doe jij als je per ongeluk oogcontact maakt met die ene waar je hopeloos verliefd op bent? Of diegene die je ontzettend haat? (Eén van de twee.) 
  37. Wat doe je als je je verveelt? 
  38. Als iemand met een bericht zou komen dat je hele leven op de kop zou zetten, wat zou dat bericht dan zijn? 
  39. Zie jij jezelf als normaal of als abnormaal persoon? 
  40. Wat vind je ontzettend leuk om te doen, maar krijg je eigenlijk niet vaak genoeg de kans voor om uit te voeren? 
  41. Heb je op dit moment een stabiele relatie? 
  42. Hoe laat ga je gewoonlijk naar bed? 
  43. Stel, je hebt een Netflix abonnement en je kunt elke serie en film bekijken die er ooit gemaakt zijn, wat is dan het eerste dat je opzet? 
  44. Heb je op dit moment behoefte aan een heerlijke massage? 
  45. Wat is je favoriete avondeten? 
  46. Als er op dit moment iemand op je deur klopte, maar er niemand stond toen je de deur opende, wat zou je dan doen? 
  47. Staat de wi-fi van je mobiel aan of uit wanneer je slaapt? 
  48. Wat is het eerste dat je van plan bent om te doen als je thuis komt? (Behalve je jas ophangen natuurlijk.) 
  49. Waar mogen we jou ‘s nachts voor wakker maken? 
  50. Stel dat je nu meteen op vakantie zou gaan, waar ga je dan heen en welke dingen ga je daar dan doen? 

maar het is zoveel meer dan ‘gewoon’ moe zijn.

T’is uzelf vooruit sleuren, terwijl het u niks meer kan schelen of ge nu de juiste of verkeerde kant op gaat.T’zijn de wonden die (terug) opengehaald worden & de lange mouwen die niet enkel tegen de kille winter worden gedragen. De bezorgde blikken die niet lijken te snappen dat ge nu nog steeds niet ‘genezen’ zijt alsof ze niet lijken te weten dat genezen niet voor iedereen is weggelegd. T’zijn de ogen die kleur verliezen & tranen die niks meer wensen los te laten. T’is niet ‘gewoon’ moe zijn t’is schreeuwen terwijl ge eigenlijk u stem al verloren zijt. Zonder stem schreeuwen & uw schouders ophalen wanneer ge weeral niet gehoord wordt. T’zijn de woorden die ge niet meer zegt, want ze moeten niet snappen hoe verdomd lastig het leven is. T’zijn die avonden waarop ge er compleet alleen voorstaat, ook al hebt ge zelf iedere schouderklop weggeveegd. T’zijn de gedachten die als vogels boven uw hoofd circuleren & u vertellen dat ge verdomme meer dan ‘ gewoon’ moe zijt

“Ik ben blij, kan je dan niet zien dat ik blij ben? Ik laat alle symptomen van blijheid zien, ik lach en dans. Dat is wat vrolijke mensen doen. Vrolijke dronken mensen dansen.” Hoor ik haar overtuigend roepen, maar mijn ogen zijn gericht op haar wijsvinger die wankelend door de lucht gaat.

“Is dat zo?”

“Ja, en ik verwacht niet dat je het begrijpt. Maar ik ga het proberen uit te leggen.” Ze neemt nog een slok uit de fles, wijnglazen deden er niet meer toe, ze was allang voorbij dat punt. “Wanneer je danst, doet niks er meer toe. Je draait rondjes, rondjes en rondjes. De lucht wordt lichter om je heen, het verdriet wordt stiller en voor eventjes vergeet je. Je bent alleen nog maar blij.”

“En wat gebeurd er als je stopt met dansen?”

Ze doet een stap naar achter en met een gestrekte arm omhoog laat ze de fles wijn vallen op de grond, met een doordringend geluid hoor ik het kapot slaan. Duizend scherven glinsteren in het donker op de grond. “Het verbrijzelt, alles spat uiteen.”

“Jij bent niet zo blij als je zegt dat je bent.“ 

“Dat is om dat ik gestopt ben met dansen.” En ze staart naar het gebroken glas op de grond, met tranen in haar ogen.

Ik zal niet veel van je vragen, dat beloof ik.

Alleen dat je me knuffelt als ik weer eens moet huilen om een film.
Dat je, als je thee voor jezelf zet, extra water kookt (voor het geval ik een minuut later ook wil.) Dat je belooft mijn gezeur aan te horen over mijn werk, de gaten in mijn panty of de tram die vijf minuten te laat was. Dat je me je hele kledingkast laat dragen omdat jouw shirts fijner zitten dan de mijne. Dat je af en toe een uur lang naar mijn zeikliedjes luistert (maar daarna mag jij weer, echt.) Dat je mijn lelijke snapchats tolereert. Dat je het keihard zegt als iets me lelijk staat, maar wel op een lieve manier. Dat je soms gewoon even opeens een kus geeft, omdat je het niet laten kon. Dat we samen forten bouwen van dekens en kussens en de hele zondagmiddag in bed blijven liggen. Dat je me helpt met koken af en toe (want ik ben slecht in vlees braden.) Dat je me wakker maakt als ik me verslaap. Dat je met mijn vrienden koffie komt drinken en ik met de jouwe. Dat je op feestjes toch steeds even naar me toe komt, om te vragen of ik nog iets te drinken wil (het antwoord is meestal ja.) Dat ik mag luisteren als je muziek maakt. Dat je briefjes achterlaat en geheimen met me deelt. Dat je me laat lachen. En dat je niet weg gaat. Vooral dat.
Dat je blijft.

Het bloed is al gestold, maar ’s nachts kunt ge nog steeds niet op uw linkerzij liggen. Het is ergens tussen wonden maken en wonden genezen, maar echt herstellen is dit nog niet. Uw bovenbenen zien er weer uit als een kleine puinhoop, maar dat zegt ge niet. Ge kunt namelijk beter, ge kunt zelf – ge hebt het toch al zo vaak gedaan, niet? Ge wilt roepen, schreeuwen, maar dat doet het in u al. Laat uzelf niet te diep zakken (alsof ge uzelf daar nog steeds voor moet waarschuwen). Stiekem weet ge wel wat te doen – deels toch. Uw dag begint met ‘wanneer start ge, wanneer stopt ge dit?’

Ik draag graag oude t-shirts, omdat ze mij er aan herinneren dat, na verloop van tijd, dingen gaan verkleuren. Ze zijn niet meer hetzelfde, maar dan toch weer wel. Ze zijn verouderd en niet meer zo zacht. Ook al voel ik dat niet meer, eens ik ze aanheb. Hoe langer ik iets heb, hoe meer het naar mijn onderbewustzijn zinkt. Hoe meer ik er vertrouwd mee word. Soms zit er dan ook plots een gaatje in. (Net zoals in mijn geheugen). Ik weet wel dat er ooit iets van stof gezeten heeft, maar waar het naartoe is, of hoe het überhaupt verdwenen is, blijft een raadsel. Het lijkt erop dat dingen nu eenmaal kapotgaan zonder dat ik het opmerk, of misschien niet wil opmerken. Alsof mijn onderbewustzijn zegt dat alles tip-top in orde is. Tot ik op een dag een oude t-shirt aantrek en besef dat het tijd is om een nieuwe te kopen.

Pauze

Het was een warme zonnige dag. Ik had een twee uur pauze en tijdens die pauze liep ik vaak naar een ‘vergeten’ natuurgebied achterin het industrieterrein waar ik werkte. Het was een heerlijke lentedag, een strakblauwe lucht met een warme gele bol en een fris windje. Ik had vanmorgen na het horen van het weerbericht besloten om een luchtige blouse en een dunne broek aan te doen. In gedachten verzonken liep ik over het dijkje langs het water toen ik opeens een warme hand in mijn zij voelde. Ik keek om en zag Roel. Roel trok me tegen zich aan en drukte een kus op mijn lippen “hallo schoonheid” zei hij. “Ik wist dat je pauze had en wilde je verrassen met een picknick.” Hij hield demonstratief een tas omhoog en grijnsde. Samen liepen we verder langs de dijk tot Roel opeens een steigertje zag. Het lag verscholen tussen het riet en wat lager dan de dijk. De ideale plek voor een romantische picknick.
We gingen naast elkaar zitten op de steiger met onze gezichten naar elkaar toe en begonnen elkaar te zoenen. Daarna maakte Roel zijn tas open en haalde er een bak aardbeien uit en een fles verse jus d’orange. “Ik heb vitamientjes meegenomen voor je” zei hij waarna hij me weer een zoen gaf. Hij maakte de bak aardbeien open en haalde een grote aardbei eruit. Deed de aardbei tussen zijn tanden en gaf me zo een zoen. Tijdens de zoen drukte hij de aardbei verder mijn mond in en het sap liep langs mijn mondhoeken naar beneden langs mijn hals wat Roel gretig oplikte. Ik pakte ook een aardbei en duwde Roel achterover zodat hij op zijn rug lag en ik hield de aardbei net buiten zijn bereik boven zijn mond. Hij begon me te kietelen en al schaterend viel ik bovenop hem. We zoenden intens en de passie werd steeds heviger. Hij deed zijn hand onder mijn shirt en kneep ruw en hard in mijn tepel terwijl hij met zijn andere hand aan mijn haren trok. Mijn baarmoeder trok samen van verlangen naar meer. Roel was echt een meester in het verlangen opwekken via mijn tepels. Ruw en hard wisselde hij af met teder en liefkozend. Van ademloos ging ik naar op adem komen. Het was een heerlijke dans waarbij ik steeds meer opgewonden raakte. Mijn hartslag ging op hol en mijn ademhaling versnelde. Roel deed zijn hand in mijn broek en vond mijn vochtige gevoelige plekje. Ook hier was hij een meester. Zijn vingers gingen kundig aan de slag en al gauw was ik drijfnat. Hij wist precies waar het lekker voelde en hoe ik erop zou reageren. Mijn klit werd stevig aangepakt en mijn vagina werd heerlijk gemasseerd. Ik hoorde zijn vingers soppend in en uit me glijden. Ik maakte mijn rug hol en hij nam mijn tepel tussen zijn tanden en trok eraan. Aahhh verdomme wat is dit lekker. “Roel….ik kom al” zei ik en meteen stopte hij. Zijn vingers stopte hij in mijn mond om af te likken. “Waarom stop je nou?” “Omdat je nog niet klaar mag komen van mij” zei hij kort. Ik begon te kronkelen en probeerde hem met lieve woordjes en kusjes te verleiden om weer zijn sterke vingers in mijn broekje te stoppen maar hij deed het niet. Ik besloot om hem net zo geil te maken als ik was, dan zou hij me wel klaar laten komen dacht ik. Mijn hand gleed naar zijn kruis en ik voelde zijn enorme opwinding. Ik maakte gauw zijn riem los, ik wilde hem voelen in mijn handen… in mijn mond. Ik deed mijn hand in zijn slip en voelde zijn warme penis. Ik haalde hem omhoog en begin hem af te trekken. Rustige halen en ondertussen at ik nog een aardbei uit zijn hand.
Roel buigt naar de tas en haalt een kurketrekker te voorschijn. Met de scherpe punt maakt hij mijn blouse naast de knopen kapot en trekt de stof aan flarden. “Wat doe je nu?” vraag ik verbaasd. “Vertrouw me maar” zegt hij zacht. “Maar Roel…dat ding is hartstikke scherp, wat ga je doen?” De blik in zijn ogen stelt me niet echt gerust, hij is wat van plan, maar meestal als Roel wat van plan is dan voelt dat als een heerlijk avontuur en dus besluit ik hem te vertrouwen. Meteen voel ik rust over me heen komen. Ik kijk vol verwachting naar mijn mooie Roel die met een kurketrekker de contouren van mijn bh volgt en dan langzaam naar mijn navel afzakt en nog lager. Ik krijg kippenvel over mijn hele lijf en huiver. Roel pakt me stevig vast en zegt streng: “Ik waarschuw je nog een keer, vertrouw me! Ogen dicht!” Ik doe mijn ogen dicht. “Zeg dat je me vertrouwd Maaike.” “Ik vertrouw je Roel” fluister ik. “Mooi Maaike, hou je ogen dicht!”. Roel haalt een fles Sancerre uit zijn tas en haalt met een vloeiende beweging de kurk eruit wat een ploppend geluid geeft. Ik hoor het geluid maar kan het niet plaatsen en durf ook niet te gluren. Ik zit klaar met mijn ogen dicht en elke seconde lijkt een eeuwigheid te duren. Roel neemt een slok uit de fles en zegt dan streng tegen mij dat ik mijn mond open moet doen. Ik gehoorzaam braaf. Hij neemt nog een flinke slok, trekt dan aan mijn haren mijn hoofd achterover en drukt zijn lippen tegen de mijne. Ik voel de koele wijn langs mijn tong mijn mond inlopen. Ik slik alles door en het herhaalt zich weer. Roel heeft ondertussen ongemerkt zijn knoop losgemaakt, staat voor me en zegt nu met een dwingende stem dat ik zijn benen vast moet pakken. Op het moment dat ik dat doe glijdt zijn broek in een keer naar beneden.
”Roel mag ik je aanraken?” “Ja Maaike, dat mag je.”
”Roel mag ik je ook proeven?” “Nee Maaike, nog niet.”
Met mijn handen streel ik zijn binnenbeen tot ik bij zijn slip ben en dan haal ik zijn grote harde pik uit zijn slip en begin te trekken. Roel staat vlak voor me en ik kan hem bijna met mijn mond aanraken. Ik ruik wat er straks gaat komen. Met een hand kriebel ik onder zijn ballen en met de andere blijf ik hem trekken. “Maaike, je bent gulzig. Beheers je!” Met mijn lippen getuit blaas ik zachtjes over zijn eikel.
Roel pakt me bij mijn haren en trekt mijn hoofd weer achterover. “Mond open!” Dan pakt hij zijn lul beet en steekt hem rustig diep achterin mijn keel. Langzaam glijd hij stukje voor stukje verder tot mijn huig begint te protesteren. Dan haalt hij weer terug en in een rustig tempo herhaalt hij zich. Ik vecht tegen de kokhalsreflexen en met tranen in mijn ogen kijk ik hem aan en zie zijn genot. “Goed zo Maaike, kijk me aan” zegt hij zacht en begint dan te stoten. “kijk me aan” herhaald hij. Mijn huig begint te wennen aan de vreemde bezoeker en geeft zich over. Roel pakt mijn haren vast en trekt mijn hoofd over zijn pik. Zo gaan we nog een tijdje door. Dan stopt Roel en trekt me overeind. Hij pakt uit de tas een touw en bind mijn handen voor vast. Daarna pakt hij een zakdoek en vraagt of ik hem vertrouw. “Ja Roel ik vertrouw je.” dan blinddoekt hij mij. Hij komt achter me staan en begint met zijn handen mijn zij en buik te strelen, dan maakt hij mijn knoop los en mijn broek zakt naar mijn enkels. Hij hurkt en helpt me heel liefdevol uit mijn hakken en trekt de broek over mijn voeten. Hij loopt om me heen en blijft voor me staan. Zijn handen spelen met het elastiek van mijn string en hij trekt de stof aan de voorkant tussen mijn lippen. Zijn handen glijden naar mijn billen en hij begint die stevig te kneden. Hij trekt me stevig tegen hem aan, begint me te zoenen en zijn vingers verdwijnen in mijn kletsnatte pruim.
Dan trekt hij het elastiek van mijn string stuk en laat het stukje stof vallen op de grond. Zijn hand maakt nog een verkennende tocht langs mijn klit en weer als ik bijna klaarkom stopt hij. “Roel toe nou” smeek ik hem. “Nee!” zegt hij streng, “je mag pas klaarkomen als ik in je zit.” Hij geeft een tik op mijn klit en draait me bij mijn heupen om. Dan buigt hij me voorover en steekt van achter zijn harde knots naar binnen. Ik zoek steun met mijn handen op de grond en zet mijn voeten iets uit elkaar. “Vinger jezelf nu!” zegt Roel dwingend. Ik gehoorzaam. “Ik wil je vingers voelen” zegt hij en ik zorg dat ik tijdens het roeren tegen mijn klit de rondjes zo groot maak dat ik zijn glibberig natte pik ook voel. Even overweeg ik om een vinger in mijn kut te steken maar mijn nagels zijn te lang. Ik blijf zo staan en vinger mijn klit terwijl hij hard stoot. Ik voel opeens een klets op mijn billen en alsof dat het startsein is begint mijn lijf te schokken en kom ik knetterend klaar. Roel voelt het en laat me even op adem komen voordat hij weer diep in me stoot en met nog een paar krachtige stoten waarbij mijn handen om zijn ballen liggen komt ook hij klaar diep in mij.
Hij trekt terug, kleed zich weer aan en kijkt grijnzend naar mijn kapotte blouse. “Ga je zo aan het werk? Dat zullen je collega’s leuk vinden” Ik kijk een beetje hulpeloos naar mijn blouse, daar valt echt niks meer mee te doen. Wat zonde… en inderdaad moet ik weer terug naar mijn saaie kantoor, mijn jas hangt daar nog aan de kapstok en daar zit mijn autosleutel in. Roel grijpt nog een keer in zijn tas en haalt een nieuwe blouse tevoorschijn. “Alsjeblieft schat, ik zei toch dat je me moest vertrouwen.” en ik kreeg de meest lieve glimlach die je maar kunt wensen.

A Guide to Dutch - 10 facts about the Dutch Language


1. Where is Dutch spoken?

Dutch is a national language in the Netherlands, Belgium, Surinamein South America and the Dutch Antilles. In Belgium, it’s the official language of Flanders, the Northern region of the country, and is also spoken in Brussels, although the majority of the city’s population speak French. In Suriname and the Dutch Antilles, Dutch is still an official language, but several other languages are spoken there too.

In total, there are over 22 million native speakers of Dutch and it’s a popular second language in Germany, the north of France and increasingly in Eastern Europe. You may also find older native speakers in Australia, New Zealand, the U.S. and Canada as many Dutch people migrated to these countries in the 1950’s.


2. What you already know about Dutch

Many Dutch words are similar to English ones as both languages come from the same old Germanic root; particularly names for everyday things like fruits and vegetables or colours, e.g.

  •  appel, apple, 
  •  peer, pear, 
  •  banaan, banana, 
  •  tomaat, tomato, 
  •  blauw, blue, 
  •  rood, red, 
  •  groen, green.

Dutch settlers in the U.S. in the 17th century held on to their language for quite some time and many words made their way into (American) English, such as
coleslaw from koolsla, cabbage salad,
cookie from koekje, biscuit, or Santa Claus from Sinterklaas / Sint Nicholaas, Saint Nicholas.

Another source of Dutch influence on the English language is throughAfrikaans, which in its turn is a Dutch-based creole, e.g.

  •  apartheid, literally separateness, 
  •  wildebeest, wild beast, 
  •  aardvark, earth pig. 

Look at the following Afrikaans sentence:

“My pen was in my hand.” You can see that it’s spelled exactly the same in English, even though the pronuncation in Afrikaans would be closer to Dutch.


3. How hard is it to learn?

Dutch is probably the easiest language to learn for English speakers as it positions itself somewhere between German and English. For example, you may know that German has three articles: der, die and das, and English only one: the.
Well, Dutch has two: de and het, but it doesn’t have all the grammatical cases like German. However, de and het are quite possibly the hardest part to learn, as you have to memorise which article each noun takes.

Just like German, Dutch sentences often place the verb at the end, which takes some getting used to. It also makes use of so-called modal particles, lots of little words such as: “nou, toch, nog, maar, eens, even”, which alter the mood of a sentence, e.g. they make a command less direct, nicer, or a request more urgent. On the whole, they have no direct translations in English.


4. The most difficult words and tongue twisters

During the Second World War, the Dutch would identify Germans by asking them to pronounce Scheveningen. Consequently, the name of this seaside town is a well-known shibboleth, a Hebrew term for a word that, if pronounced correctly, distinguishes you clearly as belonging to a certain group.

Similarly, the Flemish used to ask people to pronounce
Schild en Vriend, shield and friend, when trying to identify French-speaking spies. As you can see, they all have the sch sound. But it can get harder when you have to combine this with an r. Have a go at the Dutch word for terrible, which is a terrible word to pronounce indeed: verschrikkelijk.
Or how about “herfst”, the Dutch word for autumn? Both words have four consonants in a row!

For a real challenge, try this:
Wij smachten naar achtentachtig prachtige nachten bij achtentachtig prachtige grachten,
we long for eighty eight wonderful nights at eighty eight wonderful canals.


5. Know any good Dutch jokes?

Like its European neighbours, the Dutch language knows many jokes about (blonde) women, relationships or other nations. The Dutch like to joke about the Belgians (by which they usually mean the Flemish) and in return, the Flemish like to joke about the Dutch. Quite often, the content is the same, and the neighbours are made out to be immensely stupid.

In the following joke, substitute ‘men’ by a Dutchman and a Belgian and interchange them, depending on who you prefer…
“Twee mannen wandelen in de woestijn
Zegt de ene tegen de andere
Waarom zeul je een autodeur mee?
Nou, zegt de andere, als ik het te warm krijg, kan ik het raampje opendraaien!”

Two men are walking in the desert.
One says to the other:
Why are you carrying a car door?
Well, says the other, if I get too hot, I can always wind down the window!


6. If I learn Dutch, will it help me with any other languages?

Dutch is a member of the West Germanic family tree, and as such, is a cousin of English and German and a sibling to Afrikaans. Another cousin is Frisian, a regional minority language spoken in the North of the Netherlands, Denmark and Germany. Dutch is also related to North Germanic language family members, such as Swedish, Danish and Norwegian.


7. What not to say and do

If you walk into a Dutch café, you won’t find any fry-ups, but you could ask for a beer as a café is more like a bar, although coffee is always served, too.
If you see a sign for   lagere school, it’s simply a primary school.
And if you see “kip” on the menu, don’t think you’re getting fish, as it’s actually chicken.
Tourists enjoying a cup of coffee in quaint tearooms have expressed surprise at seeing “slagroom” on the menu. Rest assured, this means nothing more than whipped cream!

As Dutch has a separate word for male or female friends, beware when introducing a friend as “mijn vriendin”, my female friend, or “mijn vriend”, my male friend, as this implies this person is your girlfriend or boyfriend. To avoid a misunderstanding, it’s better to say that they’re “een vriend / een vriendin”, a friend.


8. Famous quotations

Famous quotes which have found their way into the Dutch and Flemish psyche are often credited to well-known writers. In 1889, the impressionist poet, Herman Gorter, wrote the famous first lines  Een nieuwe lente en een nieuw geluid, a new spring, a new sound, to his lyrical celebration of spring in the long poem
Mei, May - a useful line for whoever wants to indicate a new dawn is coming.

One of his contemporaries, Willem Kloos, wrote:
Ik ben een God in’t diepst van mijn gedachten, I am a God at the deepest point of my thoughts (1884), which is often used, replacing 'God’ with whatever suits the context.

But last words can be famous too, as in the final sentences of Gerard Reve’s iconic post-war novel,   De Avonden, The Evenings, which read:
“Het is gezien”, mompelde hij, “het is niet onopgemerkt gebleven”. Hij strekte zich uit en viel in een diepe slaap.
“It has been seen”, he mumbled, “it hasn’t remained unnoticed”. He stretched out and fell into a deep sleep.


9. First publication

A popular myth has it that the oldest Dutch words were discovered in Rochester in the U.K., in the margins of an old Latin manuscript in 1932. These written words date back to the 12th century, and they were probably written by a Flemish monk doing copying work and trying out his pen. They contain the lines of a light-hearted love poem, which goes like this:
“Hebban olla vogala nestas hagunnan hinase hic enda thu. Wat unbidan we nu?”
Have all birds begun nests, except me and you? What are we waiting for?

It’s a true and very sweet story, but they weren’t the oldest words. Older manuscripts have, in fact, been found such as a local law book, the Salic Law, dating as far back as the sixth century.


10. How to be polite and show respect

Dutch makes a distinction in the second person pronoun ‘you’ between the more formal “u” and less formal “je / jij”. The formal u is normally used for people you don’t know and the je in all other cases. There’s been a shift in the last few decades towards an increased use of the informal over the formal and it’s quite normal now to be addressed with je in a bar or a shop by the serving staff, which would have been unthinkable just 40 years ago.

When people meet, they often kiss, up to three times depending on the region, but in more formal setting, handshakes will do.

An interesting custom in the Netherlands is that at a birthday party, guests will not only congratulate the birthday person, but also his or her relatives. They will say:
“Gefelicteerd met je moeder! or Gefeliciteerd met je vader, je zus, je man, je zwager.”
Lit. Congratulations with your mother, or, Congratulations with your father, your sister, your husband, your brother-in-law.


Source:  A Guide to Dutch (BBC)