waar

Je gaat van het ene naar het andere meisje alsof harten gemaakt zijn van springveer.
—  Maar waar land je dan uiteindelijk?

Kent ge het? Dat ge het echt niet meer weet. Wie ge bent, wat ge wilt, waar gij nu eigenlijk voor staat. Kent ge het? Dat ge weeral helemaal verloren bent. En dat ge heus wel weet dat dat erbij hoort, dat dat weleens mag, dat ge dit al wel vaker hebt gehad. Maar dat het haat doet stijgen, geluk doet dalen (niet dat dat er echt al in overvloed was). Kent ge het? Dat het eigenlijk gewoon weer slecht gaat, en dat ge dat ondertussen echt zo beu zijt.

Ge zijt bang dat het u nooit gaat lukken hé? Dat gij uw leven lang op de rand van opgeven zult balanceren terwijl ge uw leven ongewild langs u ziet lopen. Ge zit vast in het willen maar (nog) niet kunnen en ge weet niet eens wat uw tegenhoudt. Gij loopt dingen achterna die ge al lang uit het oog verloren zijt en verdwaald, daar waar men nooit zal zoeken. maar gij wilt gewoon (niet) gevonden worden.