straat

flickr

Maastricht, Netherlands (by Jan Kranendonk)

Zou ge mij vragen hoe het met mij gaat? Ik zou u waarschijnlijk zomaar ‘goed’ zeggen, zoals het hoort. Ik zou u niet vertellen dat ik al nachten niet meer slaap, en ik mij niet kan herinneren wanneer ik voor het laatst een slappe lach gehad heb. Dat mijn twee boterhammen vanmorgen mij een ongelofelijk schuldgevoel gaven voor de rest van de dag. Dat ik midden op straat mijn tranen moest inhouden, gewoon zomaar. Hetgeen wat wij normaal het meeste gelukkig maakt had ik vandaag zelf gewoon genegeerd, ik wou het niet. Ik zou zeggen, het gaat goed, maar alles is al beter geweest.

Gebroken harten zijn niet mooi. Het is geen poëzie, het is niet opblijven tot vier uur ’s nachts luisterend naar deprimerende muziek. Het is breken in het midden van een drukke straat. Het is het zien van hun gezicht in iedereen die je tegenkomt. Het is je goed voelen voor een aantal weken en dan uit het niets, voel je hun lippen in je nek en hun nagels over je rug, en plotseling stik je in de herinneringen van hun aanwezigheid. Het is het wakker worden van dromen waarin ze terugkomen en schreeuwen in het midden van de nacht, omdat je hart net zo veel pijn doet als een rottende tand.

We moeten stoppen met het romantiseren van pijn. We moeten stoppen met het gebruiken van mensen alsof ze voorwerpen zijn. Een hart is geen sigaret - je kunt het niet gewoon aansteken en uitdrukken als je er klaar mee bent. Doe niet alsof er ook maar iets mooi is aan gebroken harten, want ik zou het zelfs mijn grootste vijanden niet toewensen.

Je zei: koop een notitieboek en schrijf alles wat je hoort op, net zo mooi als in de brieven. Het voelde alsof je wachtte op sneeuw en elke dag erna was je zo afwezig, ik dacht dat ik je ieder moment tegen het lijf kon lopen op straat.

Kunt ge u voorstellen hoe het is om iedereen rondom u op straat te zien lopen terwijl gij midden op het voetpad staat en geen idee hebt waar ge wilt geraken? Dat kaarten voor een keer niet de juiste richting kunnen aangeven en ge niemand aan durft te spreken. Kunt ge u voorstellen hoe het voelt om verloren te zijn?
—  kunt ge het u voorstellen?

Parade van 1000 Antwerpenaren

Een menselijke sculptuur met 1000 figuranten uit alle hoeken van de stad Antwerpen.  Aan de hand van een fictief classificatiesysteem trachtte Thomas Verstraeten orde te brengen in de huidige chaos van de straat, de stad en bij uitbreiding de steeds complexere, gepolariseerde wereld. Enerzijds is De parade van mannen, vrouwen en diegenen die vanuit de verte op vliegen lijken een ode aan de straat, een viering van de rijke, diverse publieke ruimte en zijn bewoners, maar anderzijds problematiseert ze onze eenzijdige, ordenende blik op diezelfde publieke ruimte.

250517

Ik mis het praten over niks, ik mis de spanning die hing in elke ‘dag’ die je zei, zonder meer, omdat je wou dat ik zelf over iets begon.
Ik mis je subtiele kreten van wanhoop, je verstopte verwijzingen die ik direct vond. Ik mis hoe goed we elkaar leken te begrijpen in enkele blikken. Ik mis dat je zei :’ik ga je zo meteen zoenen’, en ik m’n kans greep toen je verdween naar de wc.
Ik mis je in elke straat die ik insla waar jij niet bent. Ik mis je zo erg dat ik haast terug contact opneem. Ik weet niet hoelang het nog duurt vooraleer ik mijn verstand verlies.
Ik weet dat je mij niet mist.

anonymous asked:

gaat het?

MIJN BUURMAN HEEFT EEN CAFÉ EN AL HEEL DE DAG HOOR JE MUZIEK DOOR HEEL ONZE STRAAT EN IK VROEG HEM OM EEN LIEDJE VAN ED SHEERAN OP TE LEGGEN EN HIJ DEED DAT GEWOON
THIS KINDA MADE MY AVOND AND I LOVE MIJN BUREN DUS JA HET GAAT WEL OKE NU DANKU LIEVE ANONIEM
HOPE U HAVE AN AANGENAME AVOND/NACHT

Dat bittere, onrustige, benauwende, enge gevoel. Zo’n gevoel dat je niet meer loslaat eenmaal het zich aan je gebonden heeft. Fysiek ben je hier niet meer maar toch weet je het voor elkaar te krijgen om dag en nacht rond te dwarrelen in mijn hoofd. Soms verschuil je jezelf op de achtergrond, maar de afgelopen tijd heb je vaker de keuze gemaakt de voorgrond te betreden. Je bent er altijd. Regelmatig zie ik je gezicht, aansluitend wordt alles wazig en zwart. Ik raak dan verstijfd en kan niet in opstand komen tegen jouw overrompelende bruutheid. Mijn zicht verdwijnt en ik voel me onveilig. Mijn hoofd vormt zich om tot een grote tornado en je smijt me alle kanten op, behalve de goede. Met de tijd kleuren de gedachten in mijn hoofd steeds donkerder door de flashbacks en beelden van toen. Met dank aan jou ben ik een angstvallig krot gevuld met snijdende herinneringen. Op te veel plekken in mijn huis voel ik je gewicht, het begrip veilig kent geen betekenis meer. Mijn tranen spelen dan tikkertje met de straten, want misschien raak ik de herinneringen aan jou kwijt wanneer ik over straat loop in de latere uren en op mijn hoede moet zijn voor écht gevaar. Verlaten rondkijkend en alleen blijf je nog steeds in mijn hoofd hangen. Het donker is niet duister genoeg en de stilte is niet luid genoeg. Het lukt me niet je van me af te zetten, je weg te duwen. Nog steeds ben je sterker dan mij, en met zekerheid kan ik zeggen dat je dat altijd zal blijven.

Graag wil ik alles met iemand delen, maar het is de angst van toen die mij tot vandaag de dag nog steeds leidt. Mijn kwetsbaarheid en pijn is niet erg genoeg om serieus genomen te worden, om gehoord te worden.

Het komt razendsnel naar beneden gedonderd of heel langzaam om de hoek van de straat gekropen, maar het is er altijd en het zal er altijd blijven
—  Dat kleine stukje verdriet die diep vanbinnen nog steeds vast zit