voelt gij u soms ook zo alleen?
of erger nog, zo ontzettend mislukt in het leven. alsof de zon enkel naast u schijnt, en gij wel steeds in de schaduw loopt. ge doet heel erg uw best om het goed te doen, maar het loopt steeds weer fout. en voor elke ochtend dat ge uzelf uit bed krijgt volgen er twee waarop dat niet lukt. voor elk kleine taakje dat ge kunt voltooien drie die ge verpest. voor elke paar stappen voorwaarts te veel terug naar achter.
ach, voelt gij u soms ook zo alleen in uw mislukken?

Het gevoel dat ge u leven aan het verspillen zijt aan dingen die er nie toedoen, hebt ge nie langer meer. Integendeel ge voelt zelfs helemaal niets. Uw leegte lijkt u alleen maar te verdoven. Ge steekt uwe middelvinger op naar alles en iedereen da beweegt en ge geeft de schuld altijd een ander. Gij voelt u slecht en da zal geweten zijn. Ge zijt kwaad op de wereld, maar ge vergeet da zolang ge zelf nie wilt leven, ge ‘t ook niet zult doen.

VII.

Ga met me mee naar Italië. Laat al je zorgen en onzekerheden thuis achter en pak je koffer vol met avontuur. Laten we rosé drinken en kijken naar het ondergaan van de zon, op een balkon dat eigenlijk te klein is voor ons tweeën; terwijl we met elke slok verliefder worden. Laten we duiken in het maken nieuwe herinneringen en het eten van ’s werelds beste pizza’s. Laten we deze laatste jaren jeugd niet alleen leven, maar ze vooral samen beleven.

Telling the Time in Dutch and German

Originally posted by howbehindwow

de tijd - die Zeit - time

het uur - die Stunde - hour
de minuut - die Minute - minute
de seconde - die Sekunde - second

de klok - die Uhr - clock

uur - Uhr - o’clock
het kwart
- das Viertel - quarter
half - halb - half
over - nach - past
voor - vor - to

Hoe laat is het? - Wie spät ist es? - What’s the time?

Het is - Es ist … - It’s …

tien uur - zehn Uhr - ten o’clock (10:00)
vijf (minuten) over tien - fünf (Minuten) nach zehn - 10:05
kwart over tien - Viertel nach zehn - 10:15
tien (minuten) voor half elf - zehn (Minuten) vor halb elf - 10:20
half elf - halb elf - 10:30
vijf (minuten) over half elf - fünf (Minuten) nach halb elf - 10:35
kwart voor elf - Viertel vor elf - 10:45
vijf (minuten) voor elf - fünf (Minuten) vor elf - 10:55
precies elf uur - genau elf Uhr - eleven o’clock sharp (11:00)

a.m. / p.m.

In both Dutch and German the 24-hour clock (i.e. 4pm → 16:00) is used,
(veertien uur achtendertig - vierzehn Uhr achtunddreißig - 14:38)

but especially in spoken language the 12-hour clock is more common. If context alone is not enough, the following words are used to distinguish between a.m. and p.m.:

uur ‘s morgens / ochtends - Uhr morgens - a.m. (morning to noon)
uur ‘s middags - Uhr nachmittags - p.m. (afternoon)
uur ‘s avonds - Uhr abends - p.m. (evening)
uur ’s nachts - Uhr nachts - p.m. / a.m. (night)

Hoe laat? - Um wie viel Uhr? - At what time?

om - um - at

De film begint om half acht.
Der Film beginnt um halb acht.
The movie is starting at half past seven.

Hoe lang? - Wie lange? - How long?

Het duurt drie uur*.
Es dauert drei Stunden.
It takes three hours.

van … tot - von … bis - from … until

De winkel is open van zeven tot twaalf uur.
Das Geschäft hat von sieben bis zwölf Uhr geöffnet.
The shop is open from seven until twelve o’clock.


* unlike in German and English uur stays in this case in the singular form

If you spot any typos or mistakes please let me know :)