jaren 60

9 april. De veroordeling van de Panamese dictator Manuel Noriega: CIA-agent en drugsbaron

Panama heeft een slechte reputatie in de wereld. Drugssmokkel, fraude en geweld worden met het land geassocieerd. De recente ontdekkingen over illegale offshore-praktijken gefaciliteerd door het Panamese bedrijf Mossack Fonseca bevestigden dat beeld. Het is echter vooral de dictator Manuel Noriega die in de jaren ‘80 de reputatie van zijn land besmeurde.

Vandaag is het 24 jaar geleden dat de oud-dictator werd veroordeeld. Op 9 april 1992 bevond een Amerikaanse rechtbank hem schuldig aan drugshandel en hij kreeg een celstraf van 30 jaar opgelegd. Het waren echter de Amerikanen geweest die hem hadden getraind en in het zadel geholpen.

Manuel Noriega, bijgenaamd 'de ananas’ vanwege zijn pokdalige gezicht, werd op 11 februari 1934 geboren in Panama Stad. Deze stad was toen pas 31 jaar de hoofdstad van de onafhankelijke staat Panama. Tot 1903 hoorde het land bij Colombia. De Amerikanen, die grote belangen hadden en hebben bij de vrije doortocht door het Panamakanaal tussen de Grote en Atlantische Oceaan, geopend in 1914, hadden de Panamese onafhankelijkheidsstrijd actief gesteund. Ze hadden tevens een grote rol gespeeld in de aanleg van het kanaal. Sinds het ontstaan van de onafhankelijke staat Panama heeft de VS dat land als een soort pseudo-kolonie beschouwd.

Dat hield in de praktijk bijvoorbeeld in dat veel bestuurders van het land door Amerika opgeleid en gesteund werden. Zo ook de latere dictator Noriega. Hij kreeg een deel van zijn militaire training in Peru, maar kreeg speciale training in 'counterintelligence’ van de Amerikanen, en werd getraind in de beruchte 'psyops’ in North Carolina. Niet voor het eerst en niet voor het laatst creëerden de Amerikanen hiermee hun eigen vijand op de langere termijn.

Panama kende na de Tweede Wereldoorlog veel geweld en onrust. Commerciële oligarchen, door het Panamakanaal verbonden aan de wereldeconomie, hadden de macht in het land, zoals nu ook weer. De opkomst van marxistische groepen in Latijns-Amerika in de jaren '50 zorgde voor spanningen, en tot een mislukte staatsgreep.

In 1969 was het wel raak. Commandant Omar Torrijos van de Nationale Garde greep de macht. Het leger had genoeg van de grote invloed die internationale bedrijven hadden op het land, en wilde aan de andere kant een communistische machtsovername voorkomen. Torrijos werd officieel geen president maar militaire dictator. Hij gebruikte echter wel revolutionaire retoriek: hij noemde zich 'Opperste Leider van de Panamese Revolutie’. Noriega steunde hem.

De steun kwam eveneens uit het noorden. Net als in veel andere Latijns-Amerikaanse landen zoals El Salvador, Chili en Nicaragua steunden de Amerikanen ook in Panama een militaire staatsgreep die conservatieve en neoliberale krachten aan het bewind bracht, in plaats van communisten zoals in Cuba. Noriega zelf was al sinds de jaren '50 een gewaardeerde agent van de Amerikaanse geheime dienst CIA geweest, die waardevolle informatie doorgaf aan de VS betreffende communistische activiteiten in de regio.

Omar Torrijos stierf tijdens een vliegtuigongeluk in 1981, waardoor Noriega uiteindelijk aan de macht kwam. Dit was ook voor de Amerikanen extra goed nieuws: een geheime CIA-'asset’ aan de macht in Panama, het land van het economisch cruciale Panamakanaal. Bovendien was hij een bondgenoot in de Koude Oorlog tegen het communisme. Belangrijk was zijn hulp aan de Amerikanen in de strijd tegen de Sandinisten, de marxistische krachten in Nicaragua.

De Amerikanen steunden de Taliban in hun strijd tegen de Sovjets in Afghanistan, niet wetende dat ze daarmee onbedoeld Osama bin Laden trainden, die de 'war on terror’ zou doen ontbranden als opvolger van de Koude Oorlog. In Latijns-Amerika woedt die andere moderne Amerikaanse oorlog, de 'war on drugs’. Die veroorzaakten ze mede zelf door Noriega te steunen.

Manuel Noriega was zo waardevol dat zijn nevenactiviteiten door de vingers werden gezien. En wat hield dat in? Geld witwassen en wapen- en drugshandel, vooral cocaïne. De Amerikanen wisten wat voor handeltjes de commandant erop na hield, maar zagen er weinig problemen in in de jaren '70 en '80. Uiteindelijk zouden ze hem toch ten val brengen.

In Colombia was ondertussen het beruchte Medellin-drugskartel opgekomen, geleid door Pablo Escobar. Noriega onderhield warme banden daarmee. In Panama ontstonden grote bedrijven waarmee de enorme geldstromen van drugsbaronnen konden worden witgewassen, een beetje zoals nu. Onder Noriega ontstond de eerste internationale 'narcokleptocratie’. Daarbovenop was zijn mensenrechtenreputatie ook erg slecht. Tegenstanders van zijn bewind werden vervolgd en opgesloten. Door dit alles werd Noriega internationaal gezien steeds minder acceptabel als bondgenoot van de VS.

Bij de verkiezingen van 1989 was er de verdenking van grootscheepse fraude en geknoei met stembiljetten, waaraan Noriega zich schuldig zou hebben gemaakt. De Amerikaanse oud-president Jimmy Carter beschuldigde Noriega van fraude, terwijl ‘de ananas’ zelf de Amerikanen ervan beschuldigde zich te hebben gemengd in de verkiezingen. Oppositiekandidaten werden door paramilitaire troepen van Noriega aangevallen en geslagen. Door dit alles was de maat vol bij de Amerikanen. Economische sancties tegen zijn bewind volgden.

De spanningen tussen de VS en Panama liepen steeds verder op. Amerikaanse troepen waren gelegerd in de kanaalzone, zoals al eerder tussen beide landen was afgesproken. Noriega beschuldigde de VS van misbruik van eerdere afspraken, en schending van de Panamese soevereiniteit. Aan de andere kant werden Amerikaanse troepen regelmatig lastig gevallen en uit de tent gelokt.

Op 20 december 1989 volgde de lang verwachte Amerikaanse invasie van Panama. Hoewel de internationale gemeenschap geen fan van drugsbaron en dictator Noriega was, was er eveneens veel kritiek op dit eenzijdige militaire ingrepen van de Amerikanen tegen een staatshoofd dat ze zelf in het zadel hadden gebracht. Maar goed, zo was het deels ook het geval met Saddam Hoessein en andere oud-bondgenoten van de VS die later vijanden werden.

Noriega wachtte hetzelfde lot als Saddam: hij werd gearresteerd en naar de VS overgebracht, waar hij voor het gerecht werd gesleept en op 9 april 1992 werd veroordeeld, in eerste instantie tot veertig en later dertig jaar cel wegens drugshandel en witwaspraktijken. De CIA-agent werd aan de kant geschoven. Hij had in Panama zijn toevlucht genomen tot de ambassade van het Vaticaan, maar was eruit gepest door de Amerikanen, onder meer doordat ze hem met keiharde rockmuziek uit zijn slaap hielden. Psychologische oorlogsvoering waarin Noriega door de Amerikanen zelf was getraind.

Noriega had echter nog andere dingen op zijn kerfstok. In 2007 eindigde zijn gevangenisstraf in de VS, maar werd hij uitgeleverd aan Frankrijk, waar hij in absentia was veroordeeld wegens witwassen én moord. Het ging om feiten uit 1995 en 1999. In april 2010 werd Noriega naar Parijs overgebracht. Later werd hij weer naar een cel in Panama overgebracht, waar hij nog steeds zit.

Noriega mag dan wel ten val zijn gekomen, maar het feit blijft dat de Amerikanen met hun steun aan rechtse militaire groeperingen een vinger in de pap hebben gehad bij het ontstaan van een handvol militaire dictaturen in Latijns-Amerika, het grote drugsprobleem voor een groot deel aan zichzelf te danken hebben, en ook aan de wieg stonden van de opkomst van de business-oligarchie die in Panama sinds het verdwijnen van de militaire dictatuur weer opnieuw in zijn macht kreeg, en die zich weinig van allerlei regels aantrekken. Dat hebben we de laatste weken weer uitgebreid gezien. Wat we ook hebben gezien is overigens dat corruptie niet iets is dat alleen in Panama voorkomt.