gefluister

Gij zijt het verlangen in mijn ledematen
Het gezoem van gefluister in mijn hoofd
Het gevoel van satisfactie in mijn buik
Gij zijt het – het, dat ene

Er is geen jij en ik. Niet echt. Er is een half gebouwde brug over een onstuimige rivier, er is wat geroep van beide zijden en we kunnen elkaar zien, maar er is geen contact. Alleen als ik mijn ogen sluit.

Dan verken ik routes tussen je top en je tenen. Dan voel ik dat ons gefluister al het geschreeuw overstemt. Wanneer ik mijn ogen sluit wordt alles van belang en doet niets meer zo ter zake als wij. Samen. Zolang ik mijn ogen gesloten houd is wat ik zie gewoon echt. Dan bestaat de rivier tussen ons niet meer, dan is er niets dat ons kan weerhouden. Alleen maar mogelijkheden. Alleen maar meer van jou.