ben-mee

Ik weet even helemaal niks meer
Ik weet niet wat ik wil, ik weet niet wat ik niet wil
Ik weet niet eens óf ik nog wel wil
Ik weet niet wat ik doe, ik weet niet waar ik mee bezig ben.

Ik weet alleen dat ik achteruit ga.

Met klamme handen probeerde ik jouw ongrijpbare schoonheid vast te houden, maar telkens ontglipte je me. Het gekke was dat ik niet begreep waarom, wáárom ik je niet kon laten blijven.

anonymous asked:

Gek dat ik zo gek ben op jou. Je haat lezen, maakt veel spelfouten, kent niets van de muziek waarvan ik hou, je denkt nogal zwart wit en je bent zo ongeduldig. Totaal niet hoe ik "mijn lief" ingebeeld had vroeger. Maar ik ben er oké mee, je bent zoveel beter dan hetgeen ik wou!

En ik wil altijd met jou de afwas doen. Boodschappen halen. Discussiëren over wat we moeten eten. Samen series kijken. Zoenen. In slaap vallen op de bank. Sigaretjes uit het raam roken.

Ik wil met je ontdekken. Avonturen aangaan.
Je helpen met je vormgeving. Samen op pad gaan om te fotograferen.
Elkaar steunen. Helpen. Supporten.
Dagenlang in bed liggen. Lange autoritjes maken.
Dan zing ik voor je.
Dans ik voor je op de parkeerplaats.
Vertel ik wat je voor me betekend.

Ik wil samen naar muziek luisteren. Sprookjes vertellen, kusjes op het bankje in een willekeurig park.
Hand in hand door de dagen gaan.

Ik wil op terrasjes zitten in de zon, elke willekeurige kat aaien die ik tegenkom. En ik weet dat je me dan met zo'n blik aan kijkt. Van mens waar ben je mee bezig. Maar dat je dat tegelijkertijd ook zó lief vindt. Ik wil je mee uit eten nemen en rekeningen betalen. Lange avondwandelingen maken aan zee.

Zwemmen in een veel te koud meer en vervolgens opwarmen in de auto. Ik wil je zien lezen , slapen , leren , werken.

k wil stiekem naar je kijken terwijl je aan het auto rijden bent. Ik wil ontzettend verliefd zijn. En je dat de hele dag door laten merken en vertellen en laten voelen totdat je er helemaal dol van wordt.

—  gedichtjes door mij. 
De laatste keer (Liam deel 3)

Je weet niet wat je doet. Wat je doet met mij. Emotie kunnen we beiden niet tonen. We zijn bang om te dicht bij elkaar te komen. Terwijl we dat wel willen tenminste ik wil het. Ik wil jou. Ik wil jou leren kennen hoe jij bent. Jij in je puurste vorm. Wat jij te verbergen hebt en wat jou dwars zit. Jij laat me anders voelen. Als ik jou weer na een maand zie weet ik gewoon niet meer hoe ik me moet gedragen. Dat ben ik niet van mezelf gewend. Ik sta sterk in mijn schoenen en niks doet me wat. Jij brengt daar verandering in. Je laat me over mijn woorden struikelen als je me diep aankijkt.  Na alles wat ik heb mee gemaakt ben ik ontzettend gevoel loos geworden maar als er wat gevoel bij komt kijken breek ik. Ik typ en probeer mijn woorden te lezen door de tranen heen.

De laatste keer. Zo hadden we het afgesproken. Afscheid wat een afschuwelijk woord. 3 weken keek ik er naar uit. Om toch een dagje samen wat te gaan doen.  Apen kijken. Leuk. Je haalt me op bij het station, wanneer ik natuurlijk te laat ben. Je bent vrolijk, zoals altijd. Ik niet, ik voel niks. Laatste dagen voelen net als regenbuien, die maanden aanhouden. Alles zit tegen, thuis, familie, werk, vrienden en om niet te vergeten al die afwijzingen van hbo’s. Ik laat het achter me en begroet je. Je lacht en door jou ik ook.

We gaan. Ik ben timide en jij praat. Ik luister naar je verhalen over hoe je Nederland gaat verlaten. Wat je plannen zijn. Wat je wilt bereiken. Dat doet pijn. Ik heb niks te willen en vinden. Het is gewoon zo, het is de kei harde realiteit dat ik mijn tijd door breng met iemand die weg gaat. Voor altijd. Lang heb ik het kunnen accepteren maar nu komt het wel erg dichtbij. Beangstigend. Ik vertel je over de kunst academie die mij heeft afgewezen en je vraagt wat nu. Al sla je me dood. Ik wil er niet over na denken. Over welk plekje in deze maatschappij voor mij is weg gelegd.

Ik heb het leuk met je. Je bent grappig, ik geniet van jou. Hoe je bent. Dezelfde haat aan kinderen en een hekel aan mensen. Waarom mensen zo dom tegen hun kinderen praten. Praat gewoon als een volwassene. De apen lopen rond en jij bent onder de indruk. Hoe ze zo mooie vacht kunnen hebben alsof ze net van de kapper af komen. Na een aantal uur hebben we het park gezien. Koop jij voor mij dat knuffel aapje waar ik het al de hele dag over heb. Tot mijn grote verbazing wil je zelfs een foto laten maken. Waar je normaal echt allergisch voor bent. Lief.

Een diep gesprek in de auto over wat ik moet doen met mijn toekomst. Je vertelt me hoe ik erin moet staan en dat ik niet zomaar moet opgeven. Maar jij hebt niet door dat ik vecht met mijn tranen en hoe erg ik mezelf groot probeer te houden. Ik vind de toekomst eng, angstaanjagend en wil er niet aan denken. Gewoon even niet. Dat komt later wel. Ik wil niet dat jij deze angst ziet. Ik wil dat je me ziet als een sterk persoon. Ik ben sterk maar niet altijd. Daar schaam ik me voor. Mensen moeten opkijken naar mij, dat ze me zien als een sterk persoon die alles aan kan. Die niet bang is voor zoiets als ‘de toekomst’’.

We eten nog wat ergens vlak bij mij. Het onderwerp valt ter sprake waar we de hele dag een beetje om heen zijn gedraaid. Jij gaat. Waar zijn we nou eigenlijk mee bezig, hoe verder? Het was allang duidelijk dat jij ging, daardoor wilde ik mezelf beschermen om niet te dicht bij te komen. Alles ging prima en had het in mijn hand. Dat dacht ik. Jij vertelt me dat je het moeilijk vind. Dat je me gaat missen en dat je het heel erg leuk hebt gehad. En ik ook. Ik ga je godverdomme missen.

Jij wilt me afzetten maar ik heb nog iets voor je. Een tekst wat je stiekem diep raakt. Dat je moet blijven. Ik wil niet dat je mij vergeet. Ik wil dat je moeite gaat doen. Dat je mij een brief stuurt of iets dat je aan mij laat merken dat jij me niet wilt vergeten.

Je stapt uit en geeft me een knuffel. Dan komt je standaard praatje. Het gaat je goed, succes met wat je wilt doen. Ik onderbreek je. Ik wil niet dat je afscheid neemt, ik wil dat je in je auto stapt en weg gaat alsof we elkaar morgen weer zien. Ik hou me groot pak mijn fiets en ga. Als ik net uit je zicht ben breek ik. Ik huil en al mijn gevoelens komen eruit. Je bent te dicht bij gekomen.

 

Ik wil je laten weten hoe ik me voelde, jij hebt daar recht op en ik wilde het kwijt.

Het zou gewoon eens zo fijn zijn dat iemand me een knuffel geeft en tegen me zegt: Je kan het, het komt echt wel goed.
—  Ik ben er namelijk klaar mee om het tegen mezelf te zeggen.