beeldhouwkunst

7 april. 'Scary' Lucille Ball krijgt nieuw beeld

Een standbeeld van de Amerikaanse tv-ster Lucille Ball, dat al sinds 2009 te bewonderen is in de stad waar deze actrice, vooral bekend van de zeer succesvolle comedyserie I Love Lucy uit de jaren ’50, geboren werd, zal worden vervangen. Beeldhouwer Dave Poulin heeft bakzeil gehaald nadat fans van de actrice al sinds de onthulling kritiek hadden op het beeld, dat niet zou lijken op Lucille. Tientallen telefoontjes, brieven, en een facebookactie hebben ervoor gezorgd dat Poulin op eigen kosten een nieuw beeld zal maken. ‘Scary’ Lucille zal dus verdwijnen (zie onder), en hopelijk zal er een beeld in de plaats komen dat de actrice meer recht doet.

Over smaak valt uiteraard niet te twisten, maar in de kunsten is er toch vaak als het om esthetiek gaat een zekere consensus over welke werken als exceptioneel mooi worden gezien, zeker in de ogen van het grote publiek. Bij de beeldhouwkunst zijn er twee klassieke voorbeelden van een vrouwelijk en een mannelijk figuur, die als kunstwerk én qua verbeelde fysieke schoonheid al eeuwen de standaard vormen. Het ene stamt uit de Klassieke Oudheid, het andere uit de artistiek vergelijkbare Renaissance: de Venus van Milo en de David van Michelangelo.

Om met het oudste beeld te beginnen, en met de dame, moet ik ten eerste een bekend misverstand uit de wereld helpen. Het in het Louvre in Parijs te bewonderen Venusbeeld met de ontbrekende armen is niet gemaakt door ene Milo, maar is (pas in 1820) in een veld gevonden op het Griekse eiland Melos, in het Italiaans Milo. De waarschijnlijke beeldhouwer is Alexandros van Antiochië, die het rond 130 v. Chr. maakte.

Het beeld stelt de Griekse liefdesgodin Aphrodite voor, Venus in het Latijn. Schoonheid past hier natuurlijk goed bij. Het stamt uit de zogenaamde Hellenistische periode, wat voor de kunsten betekende dat de Grieken hun goden realistischer en tegelijkertijd aantrekkelijker gingen afbeelden. Van de Venus ontbreken de armen, waarvan de linker waarschijnlijk op een zuiltje rustte, waarin zij een appel vasthield. Dit is de appel die zij van de Trojaan Paris kreeg als winnares van de beroemde ‘beauty contest’ tussen Aphrodite, Hera en Athene uit de Ilias.

De David van Michelangelo stelt de Bijbelse koning David voor, maar afgebeeld als een Griekse god, zoals in de Italiaanse Renaissance gebruikelijk was. De kunst van de Grieken en Romeinen kwam weer volop in de belangstelling, en werd geïmiteerd (dat is nog steeds volop het geval, kijk bijvoorbeeld maar naar het Witte Huis en de standbeelden in een gemiddelde voortuin in een volkswijk). David doet dan ook esthetisch gezien weinig onder voor Venus.

Michelangelo maakte het standbeeld in de eerste jaren van de 16e eeuw in Florence. Het is nog steeds te bewonderen in die stad, in de Galleria dell’Accademia. De gespierde en imposant kijkende (naakte) koning houdt in zijn linkerhand een slingerwapen, en hij staat op het punt de Filistijnse reus Goliath middels een welgemikte steenworp te doden. De slimme David versloeg hiermee de dommekracht Goliath, en het zelfbewustzijn en de zekerheid van de triomf  is dan ook van het marmeren gezicht af te lezen. Misschien maakte Michelangelo dit beeld als een toespeling op zijn Florence, een stad die vaak is bedreigd door grotere en sterkere partijen, maar door slimheid een plaats in de vaart der volkeren en de geschiedenis heeft bemachtigd.

Het is overigens niet bekend of de standbeelden van Venus en David wél goed lijken op degenen die ze moeten voorstellen.