26 december 2012

Dagboekfragment 26/12/12, Comyns Hut. 
De wind is gedraaid en vanuit het noordwesten komen donkere wolken aan. Het is bijna neen uur en ik besluit om niet te gaan lopen vandaag. Het kan geen kwaad om m'n lichaam nog wat rust te geven. Ik loop morgen nog een dag en de dag erna kan ik de Rangitata River proberen te doorkruisen. Daarna is het nog drie of vier dagen tot Tekapo. 

Dit wordt m'n eerste volledige dag in een hut. De laatste keer dat ik dat deed was op Stewart Island. Er is iets moeilijks aan zo'n dag. De tijd gaat langzaam en je wilt vooral eten. Het mag niet. Vooral niet eten, behalve je normale ontbijt, lunch, avondeten. 


Tien uur geweest. Even toch die twijfel. ‘Zal ik toch gaan lopen?’ Maar ik doe het niet. Morgen loop ik weer. Buiten begint het nu te regenen. 

-
Het is nu bijna zeven uur. De dag bracht ik slapend door. Ik maakte rijst als lunch nadat ik verder had geschreven aan een brief. Daarna viel ik in slaap en onverwachts sliep ik tot vijf uur. Net maakte ik weer eten, alles is afgewassen en buiten miezert en waait het weer. 

Een bruistablet vergaat in m'n water. Vitamine C, alles. Omdat het moet. Voor de smaak van 'sinaasappel’ hoef je het niet te doen. 

Het is koud buiten. Vijf dagen naar Tekapo als het meezit. Ik wil naar Tekapo omdat er dan weer een lastig deel achter me ligt. Omdat de Rangitata dan achter me ligt. Omdat ik dan weer naar een ander landschap loop en langs Arrowtown, Wanaka en Queenstown kom. Omdat ik niet kan wachten tot ik al die landschappen heb doorkruist. 

Langzaam ruim ik al m'n spullen op. Ik hoop morgen op tijd te kunnen vertrekken.
Morgen zal m'n tas een stuk lichter zijn. 

We moeten altijd lichter reizen. We moeten dingen achterlaten, vergeten, niet meer meenemen omdat we het niet zullen missen. Op een gegeven moment voelen we onze rugzak en we vragen ons af of we iets vergeten zijn. Maar dat zijn we niet. We hebben alles wat we moeten hebben en het is licht genoeg om snel en licht te reizen. Dat is ook een vorm van vrijheid. Vergeet de gedachtes in de nacht, val ’s avonds lichter in slaap, reis lichter, elke keer, en op een dag denk je aan hoe zwaar het leven ooit op je schouders leunde. 

Het één is niet belangrijker dan het ander als het geen invloed heeft op ons gevoel. Alles wat langs ons heen gaat doet er niet toe. Dingen worden belangrijker naarmate ze ons gevoel beïnvloeden. 
Maar zelfs dan, als dingen ons gevoel beïnvloeden, zijn we vaak niet in staat om te weten hoe belangrijk het voor ons is. 
Waarom anders verspelen we zoveel tijd aan dingen waar we geen tijd aan zouden moeten verspelen? We kunnen situaties zelden op waarde schatten. We nemen de tijd niet voor de mensen die ons lief zijn, we haasten ons door momenten die achteraf de mooiste bleken te zijn. En waarom? Omdat we altijd op zoek zijn naar iets nieuws? Naar iets dat we nog niet kennen en dat ons meer gaat geven dan de dingen die we al hebben? 
We falen daarin. We genieten te weinig van de momenten die ons gegeven worden en we zoeken op plekken waar we nooit iets zullen vinden. En hoe groot is de kans dat we ons hele leven blijven zoeken? Dat we nooit vinden? Hoe tragisch zou dat zijn… 

Ik wil me verstoppen in bed. M'n eigen bed, met op de platenspeler een plaat van Other Lives of bon Iver. De duisternis, de warmte binnen, de liefde van mensen dichtbij, binnen een bereik van minuten, maar ver genoeg voor eenzaamheid. 
Ik wil nieuwe mensen ontmoeten, en koffie drinken met uitzicht over een straat waar mensen lopen. En dan praten we, over de dingen waar we van houden, de dingen die we nog eens willen doen. We eten samen in de avond, we koken samen, en daarna, na het eten, gaan we buiten over straat lopen tot we het koud genoeg hebben en naar binnen verlangen. 

Ik wil mensen ontmoeten die ik enkel ken van geschreven woorden of gesprekken via beeldschermen. Om in het echt te voelen hoe de ander als mens is. Om een uitdrukking te zien op gezichten, een lichaamshouding. Praten, praten, ik verlang zo naar uren lange gesprekken zoals ik die met sommige mensen kon hebben. 

Heb ik behoefte aan een leven dat iets vaster is dan dat van nu? wel, het zou welkom zijn voor een aantal weken. Om voor een aantal weken me werkelijk nergens druk om te hoeven maken en weer te verlangen naar reizen. 

26/12/12: Regen en wind. 

4

This little knick knack was a sweet gift from a sweet friend, just after Aaron’s second brain surgery on December 26, 2012, and just before he started a gnarly new chemo that would require him to be hospitalized for 3 days a month, with 2 outpatient visits in between each stay.

2013 was shaping up to be a lot of things: uncertain, for one. Scary, to be obvious. But we knew from a year in the neuro-oncology waiting room and a pass through the halls of the oncology floor that even with Stage IV brain cancer and a recurrent tumor and a pregnancy on our hands, we were the lucky ones. 2013 had no choice but to continue our lucky streak.

And it did.

Initially, this post was going to be a braggy 2013 recap where I talked about all of the ways 2013 was awesome. I was going to compile our Top 13 moments (get it?) where I could talk about Aaron helping to deliver our baby just 7 days after his first round of intra-arterial chemo and standing together in the desert with our son in our arms pretending like we were present at the dawn of time. I was going to talk about visiting a crystal healer who read Aaron’s energies and surprising Aaron with the first ever Purmathon.

I was going to talk about how many miles we ran and how many times we stayed up too late talking like two people who are just starting to fall in love and then it hit me: there really are only 13 things worth putting on a recap of this year.

We had 12 clean MRIs and 1 unlikely baby. With those 13 events, we’ve gotten far more than any doctor would feel comfortable predicting or any gambler would have the sense to bet on, and in between, we got a year full of experiences that kept our days and hearts filled to the max.

That’s pretty damn lucky. 

Thanks, 2013.