Rotte

door Hans // Soigneur

image



Het was begin november van vorig jaar. Ik begon aan een rondje Rotte. Bij de Prinses Irenebrug zet ik altijd mijn teller op nul. Vanaf daar zijn er geen stoplichten en kan ik meestal ongehinderd een tijdritje tegen mezelf doen. Na een paar kilometer had ik ‘m in mijn vizier. Een wielrenner die ongeveer vijfhonderd meter voor me fietste. Zeker als je je goed voelt werkt dat als een soort gezonde doping. Langzaam kwam ik dichterbij. Eenmaal achter hem kon ik mijn prooi nader analyseren. Ik schatte hem achter in de veertig. Zijn fiets was vies. Dat kan doorgaans twee dingen betekenen. Dat de persoon in kwestie veel fietst of dat hij niet van schoonmaken houdt. Of allebei natuurlijk. De bouw van zijn benen duidden in ieder geval op het eerste. Ik was gewaarschuwd.

Die conclusie deed mij goed nadenken over mijn volgende stap: het inhalen. Inhalen is iets wat je niet zomaar moet doen. Het moment en, misschien nog wel belangrijker, de gekozen snelheid zijn vaak doorslaggevend voor de reactie van degene die ingehaald wordt. In mijn amateurcarrière heb ik tot nog toe drie soorten reacties op inhaalmanoeuvres kunnen onderscheiden. De eerste is de makkelijkste en meest bevredigende: de ingehaalde kan niet mee en blijft (het liefst gedesillusioneerd) achter. De tweede soort reactie is minder prettig. De ingehaalde blijkt veel harder te kunnen fietsen dan hij in eerste instantie deed en haalt mij op zijn beurt strijdlustig in. Uiteindelijk kan deze variant tot twee situaties leiden: een interessante wedstrijd tussen twee amateurwielrenners die elkaar gek proberen te maken of, in het meest ongunstige en vernederende scenario, het lossen door schrijver dezes. Tenslotte is daar nog de categorie waar ik de grootste hekel aan heb: die lui die, nadat je ze hebt ingehaald, nog zeker twintig kilometer strak achter je blijven fietsen. Te trots om te lossen en te zwak om te strijden. Of in het geval van een forse tegenwind; gewoon lui.

Vandaag ging het om een competitieve tegenstander, zo bleek. Ik haalde hem bewust rustig in en groette hem tijdens mijn lichte demarrage. Vrij snel kwam hij echter links van mij weer voorbij. Zo wisselden we elkaar een tijdje af en het tempo werd steeds hoger. Omdat we moesten afremmen voor een langzaam rijdende tractor raakten we aan de praat. Over fietsen langs de Rotte, het mooie novemberweer en over kilometers bijhouden. Dat laatste bleken we allebei te doen. Ik besloot het spits af te bijten en vertelde met enige trots dat ik dit jaar bijna al aan de 10.000 zat. Hij nam het voor kennisgeving aan en was zo te zien niet echt onder de indruk. ‘En jij?’, vroeg ik enigszins aarzelend. ‘Dat wil je niet weten’, antwoordde hij. ‘Anders vraag ik het toch niet’, zei ik. ‘In de afgelopen 12 maanden om precies te zijn 17.483 kilometer.’ zei hij uiteindelijk.

Voor dat ik daar een goede reactie op had gevonden bleek dat onze wegen scheidden. Terwijl ik rechtsaf sloeg richting de Zevenhuizerplas bleef hij de Rotte volgen. Hij haalde één hand van zijn stuur, draaide zijn bovenlichaam naar mij toe en riep: “Zonder naar m’n werk hé!”. De manier waarop hij het riep had iets kinderlijks. Maar toch was ik onder de indruk. Nog steeds eigenlijk.


Hans
2

12/7/2013

Het is ruim anderhalf jaar geleden dat ik hier stond te werken, en vandaag stond ik er weer. Vandaag ben ik een maand in Nederland. Het is de twaalfde. Het is midden juli. Voor we het weten is de zomer voorbij. 
De geur van rubber. De geur van machines, ijzer, en de rust van je eigen muziek in je oren. 

's Avonds met Enzo naar de Rottemeren. We praten en voor we het weten is het één uur 's nachts. Hoe vaak heb ik hier wel niet gezeten, alleen?! En hoe weinig mensen heb ik wel niet meegenomen naar de Rottemeren? Ik was er altijd alleen. Ik was er altijd alleen maar alleen. Enzo vraagt of ik deze plek nog kan waarderen om z'n schoonheid na alle natuur die ik gezien heb. Ik kijk naar Rotterdam in de verte, naar de oranje luchten door kassen, de reflectie van wolken in het water die het landschap omsluiten. 

Ik weet niet of ik deze plek nog waardeer om z’n schoonheid, of om z’n herinneringen aan mezelf. 

Bleiswijk

4

8/7/2013

Een dag vol verwarring. Alsof Editors me gisteravond iets had gegeven en ik niet wist wat ik ermee aan moest. Het hele weekend was niet meer in dagen te zien. Alles was een waas met duizend emoties, te weinig slaap, genoeg alcohol, en ongelooflijk veel schoonheid en liefde.

Thuis douchen, m’n tas uitpakken, en ‘s avonds naar de diploma-uitreiking van m’n broer in Rotterdam. 

Met muziek in fietste ik vanavond naar de Rottemeren. Maar alsjeblieft, geef me duizend uur slaap.. 

Werchter -> Bleiswijk

Text
Photo
Quote
Link
Chat
Audio
Video